19 december 2017 Deel dit artikel

Hoe geld uitgeven je geld kan opleveren!

Wanneer u op 1 januari 2018 meer dan € 30.000 vermogen hebt op uw betaalrekening, betaald u belasting over dit vermogen. Wanneer u een fiscaal partner hebt, geldt dit wanneer u meer dan € 60.000 aan vermogen hebt. Zijn er nog grote uitgaven die gedaan moeten worden, dan kan het lonen om deze uitgaven te doen voor het einde van het jaar. Ook kunt u denken aan het doen van een schenking.

De toeslagen, behalve bij de kinderopvangtoeslag, kennen een vermogenstoets. Dit betekent dat wanneer u boven de hieronder genoemde drempels zit met uw vermogen, het recht op toeslagen komt te vervallen.

Bij meer vermogen dan de hieronder genoemde bedragen hebt u geen recht meer op toeslagen.

Schenken, wij bedienen u op uw wenken!

U mag jaarlijks een belastingvrij bedrag schenken aan kinderen of kleinkinderen. Voor uzelf is dit aantrekkelijk aangezien dit uw vermogen verlaagd en u dus minder of geen vermogensbelasting meer betaald. Daarnaast is het een leuk extraatje voor degene die een bedrag geschonken krijgt. Een groter bedrag schenken ? Door een 1e schenking vlak voor het einde van het jaar te doen en een 2e schenking aan het begin van het nieuwe jaar kunt u een groter bedrag schenken, zonder dat er schenkbelasting over verschuldigd is.

Huis onder water en toch de woning verkopen? Draag dan over voor 1 januari 2018!

De belastingdienst kent tot 1 januari 2018 een regeling dat de rente op een restschuld nog 10 jaar aftrekbaar is. Deze regeling komt met ingang van 1 januari 2018 te vervallen waardoor u, bij verkoop na 1 januari 2018, deze aftrekpost misloopt. Het begrip rente op een restschuld wil ik uitleggen aan de hand van een getallenvoorbeeld.

Wanneer u de woning verkoopt voor € 200.000, maar hier zit een hypotheek op van € 225.000 dan is de restschuld € 25.000. Wanneer u een schuld aan de bank hebt voor dit bedrag, dan mag u de rente over deze € 25.000 gedurende 10 jaar lang op uw inkomen in mindering brengen (= 10 jaar lang een aftrekpost).

De winstbelasting voor de BV gaat omlaag!

De belasting die u betaald over de winst in uw BV gaat in 2019 omlaag.

Het kan dus lonen door te kijken naar manieren om de winst uit te stellen naar een later jaar. Wilt u weten hoe, neem dan contact met ons op.

De dividendbelasting gaat omlaag

De winst welke na het betalen van winstbelasting in uw BV overblijft, kan worden uitgekeerd. Dit noemen we dividend. Hierover is belasting verschuldigd. Deze belasting heeft dividendbelasting.

Eerder hebben we al geschreven over de verlaging van de winstbelasting. Om te bepalen wat de totale heffing is bij het uitkeren van de winst aan privé hebben we onderstaand schema opgesteld.

Al met al per saldo geen grote verschillen, dus waar zit hem nu de crux ? De hogere dividendbelasting is ook verschuldigd over de winsten uit het verleden, welke nog niet zijn uitgekeerd. Deze winst zijn in het verleden reeds met 20% / 25% winstbelasting belast. Hierdoor wordt de cumulatieve belastingdruk als volgt:

Een alternatief is om geen dividend, maar een extra loonuitkering te doen. Er moet in dat geval wel loonbelasting betaald worden, maar geen winstbelasting en dividendbelasting meer. Met de voorgnomen verlaging van de loonbelasting kan dit schelen.

Wilt u weten wat het beste bij u past, neem dan gerust contact met ons op.

Bron: Jonne Tijssen | Belastingadviseur Staerk Accountants

Laat ons u bellen